Financiering kan toegankelijkheid beroepsonderwijs Mali vergroten
door Paul Sutmuller op 19 januari, 2014

Mali was een van de snelst groeiende economieën van Afrika. Maar de burgeroorlog van 2011-2012 in buurland Ivoorkust (met de voor Mali belangrijke haven van Abidjan) en de burgeroorlog van 2012-2013 in eigen land hebben behoorlijk wat roet in het eten gegooid. De burgeroorlog trof hoofdzakelijk het noorden van Mali, het zuiden heeft meer last van de gevolgen van de oorlog dan van de oorlog zelf. Het gemiddelde inkomen is ca. € 54 per maand gebleven, maar de prijzen zijn verdubbeld. In de hoofdstad Bamako ontbreekt het niet aan onderwijsinstellingen, ook niet voor beroepsopleidingen. Maar onderwijs is wel duurder geworden.

 

Mali1 Paul heeft Mali van 13 t/m 19 januari 2014 bezocht, en dan met name drie instellingen voor beroepsonderwijs en hij was onder de indruk van de kwaliteit.

 

Tegelijkertijd schort het wel aan de toegankelijkheid van die opleidingen; leerlingen die met goede examencijfers de lagere middelbare school afgesloten hebben kunnen nl. in aanmerking komen voor een beurs van de overheid t.b.v. de financiering van hun beroepsopleiding. Maar minder begaafde leerlingen krijgen die subsidie niet. Voor hen zijn de beroepsopleidingen vaak te duur om zelf te kunnen betalen. Individuele studiefinanciering door de Van Doorn Stichting kan hier uitkomst bieden!

 

Het Centre de Formation Technique Quinzambougou (CFTQ) is een private middelbaar technische school in Bamako die al meer dan 25 jaar bestaat en beroepsopleidingen geeft aan jongens en meisjes tussen de 16 en 22 jaar; tweejarige opleidingen voor elektricien, administratief medewerker, en assistent boekhouder, en vierjarige opleidingen voor elektromonteur, bouwkundig tekenaar, directiesecretaresse en boekhouder. Centre De Formation Technique Quinzambougou

Volgens Mamadou Diallo, de directeur, zijn er 700 leerlingen op deze school, waarvan er 400 een beurs van de overheid hebben. Voor de overige 300 leerlingen moeten de ouders het schoolgeld zelf betalen. Een opleiding, afhankelijk van het vak, kost tussen de € 140 en € 230 per jaar. Dat zijn bedragen die alleen voor leerlingen uit bovenmodale gezinnen zijn weggelegd. Het uitval percentage onder de leerlingen die zelf het schoolgeld moeten betalen is dan ook hoog.

 

Indrukwekkend was het bezoek aan het Formations sans Frontières (FSF), een organisatie die de kennis met beroepsopleidingen in ontwikkelde landen ter beschikking wil stellen aan beroepsopleidingen in ontwikkelingslanden (beroepsopleidingen zonder grenzen).

Allain Sossah van FSF vertelt dat de organisatie sinds 2009 samenwerkt met en gehuisvest is in het Don Bosco centrum Père Michel. Hier worden lesmateriaal en opleidings-methodieken ontwikkeld, die passen bij de huidige eisen en behoeftes. Zo is er voor mensen buiten de hoofdstad een opleiding met ‘distance learning’ ontwikkeld, waarbij de theoretische kennis via internet verkregen kan worden en men alleen voor een practicum naar het Don Bosco centrum in Bamako hoeft te komen. Deze niet-overheidsorganisatie wordt gerund door professionals die zelf ook een beroep of baan hebben en die hun werkzaamheden voor de organisatie hoofdzakelijk als vrijwilliger uitvoeren. De grootste uitdaging voor het FSF is het vinden en behouden van hooggekwalificeerde trainers en onderzoekers en de aanschaf van materiaal voor onderzoek en onderwijs.

Formations Sans Frontieres Formations sans Frontières is echt een fantastisch initiatief. Samenwerking en kennisuitwisseling met universiteiten en bijvoorbeeld een organisatie als ‘Gered Gereedschap’ voor het verkrijgen van machines en gereedschappen, zou veel voor hen kunnen betekenen.

 

 

Centre Père Michel in Bamako is een middelbaar technische school die door de Don Bosco Pater Michel in 1956 is opgericht. Het centrum geeft driejarige opleidingen aan alleen jongens tussen de 16 en 22 jaar, voor automonteur, elektricien, metaalbewerker en landbouwwerktuigenmonteur. De huidige directeur, Pater Filipe, vertelt dat de school 360 leerlingen heeft met gemiddeld 30 leerlingen per klas (12 klassen).

De opleiding kost ongeveer € 115 per jaar. Dat is een derde goedkoper dan bij het CFTQ, omdat het Centre Père Michel zich richt op leerlingen uit gezinnen met lagere inkomsten. Ook richt het Centre Père Michel zich op leerlingen die niet noodzakelijkerwijs de beste van de klas waren, en daarom geen beurs van de overheid krijgen. Centre Père Michel

De drop-out is ongeveer 10% omdat de opleiding voor sommigen toch nog te duur is. Het centrum heeft de goede reputatie echte vakmensen op te leiden. Ook al zijn ze gezakt voor het staatsexamen, met een certificaat van het centrum in de hand krijgt iedereen toch een baan! Toegang tot studiefinanciering zal voor menigeen een oplossing zijn.


Uit ons fotoboek
Overzicht nieuwsberichten